Boetseren, werken met rollen en kleiplaten

Parent Category: Handvaardigheid Category: Boetseren

Article Index

afbeelding001een kleiplaat rollenEr zijn verschillende technieken bij het boetseren. Een van de technieken is het opbouwen van vormen met behulp van rolletjes klei. Deze techniek is heel geschikt voor vrije, glooiende vormen. De techniek is wat minder geschikt wanneer je scherpe hoeken in je werkstuk wilt toepassen. Een andere techniek is het opbouwen met platen klei. Dit is een techniek die erg geschikt is wanneer je geometrische vormen wilt maken. Een derde techniek, die ik hier verder niet bespreek, is het opbouwen met kleine stukjes klei.

Tenslotte kun je je werkstuk ook nog maken door van een grote homp klei delen af te snijden of te schrapen. Ook deze techniek wordt hier niet besproken. Je kunt natuurlijk altijd van een combinatie van technieken gebruik maken en in de praktijk zal dit ook meestal het geval zijn. Hier begin ik met het rollen van een kleiplaat om de bodem van mijn werkstuk te maken. 

afbeelding002kleine stukjes klei tusssen de latjes aanbrengenOm een kleiplaat je maken, heb je 2 even dikke latjes nodig. De lengte van de latjes is afhankelijk van hoe groot je de plak wilt maken, maar meestal is ongeveer 40 cm lang genoeg. Je hebt ook een roller nodig. Dit kan bijvoorbeeld een deegroller zijn, maar ook een stuk bezemsteel of dik rondhout. Een lengte van ongeveer 30 cm is hiervoor meestal wel genoeg,
Je begint met het uit elkaar leggen van de latjes. Leg ze zo ver uit elkaar als nodig is voor het formaat dat je wilt maken. Ik heb ze hier ongeveer 20 cm uit elkaar gelegd. Vul de ruimte tussen de plankjes op met kleine stukjes klei en duw deze goed aan. Zorg er voor dat de klei net boven de latjes uit komt.

afbeelding004Een afgedekt kleibroodKlei droogt erg snel uit en is dan minder fijn om mee te werken. Dek daarom de klei die je niet gebruikt af met een vochtige vaatdoek. Zelf gebruik ik daar altijd van die goedkope geel kunststof doekjes voor. Die hebben een mooi formaat en kun je als ze erg vies zijn wassen of vervangen.

afbeelding003Een afgedekt klei werkstukOok je werkstuk kun je met zo''n doekje afdekken als je tussendoor even wat anders moet doen. Dat zorgt er voor dat je klei mooi zacht en goed te bewerken blijft. Zorg wel dat het doekje niet te nat is. Vochtig is genoeg.

afbeelding005rol de stukjes klei tot een mooie plaatAls de plak groot genoeg is, rol je de stukjes plat met de deegroller of het rondhout. Zorg er voor de dat deegroller over de latjes aan de zijkanten rolt. Zo wordt je plak overal even dik. Rol nog niet zo hard, het mooiste is het als de plak nog iets dikker blijft dan de latjes.

afbeelding006de plak is omgekeerdTrek de plak nu voorzichtig los van het oppervlak en keer hem om. Je zult zien dat de onderkant nog wat holtes bevat. Rol de plak nu ook aan deze kant mooi dicht met de deegroller. Zorg er wel voor dat er geen lucht in de klei blijft zitten.

afbeelding007vormen uitsnijdenDe kleiplaat is af, en ik heb 3 ronde vormen nodig als bodem plaat voor mijn werkstuk. Ik snij de ronde vormen met een mesje langs een mal uit. Ik gebruik hier een glas als mal. Maar je kunt ook een trommel of een vaas gebruiken. Ook andere vormen kun je op deze manier uit de kleiplaten snijden.


afbeelding008vormen uitsnijdenHier zie je de 3 ronde bodemplaten die ik ga gebruiken in mijn werkstuk. Omdat ik een mal heb gebruikt zijn ze strak van vorm en ook even groot. Natuurlijk kun je ook vrije vormen snijden uit kleiplaten, dat is wat je zelf wilt. Als je ze nog niet meteen gaat gebruiken, kun je ze het beste weer even afdekken met een vochige doek.

afbeelding009kleirolletjesIk wil op de grondplaten vormen gaan opbouwen met kleirolletjes, dus ik maak vast een aantal rolletjes. Ook die dek ik weer af met een vochtige doek als ik ze niet meteen gebruik.

afbeelding010Kleislib makenOm er voor te zorgen dat de rolletjes goed hechten op de bodemplaat, plak ik ze aan elkaar met kleislib. Dit aan elkaar plakken doe je eigenlijk altijd als je verschillende delen aan elkaar wilt maken, zoals bijvoorbeeld een oortje aan een kan, of meerdere kleiplaten aan elkaar. Ook als je een werkstuk even hebt laten staan en je wilt weer verder, bevestig je de eerste kleirol weer met slib zodat deze goed hecht. Ben je eenmaal bezig dan hoef je volgende rollen niet steeds opnieuw te plakken.
Je maakt kleislib door een stuk klei in water op te lossen. De klei slib moet ongeveer zo dik als volle yoghurt zijn. Je kunt de slib met je vinger opbrengen of met een kwast, waar je zelf de voorkeur aan geeft.

afbeelding011Inkrassen van de te plakken delenHet plakken van de verschillende delen, doe je niet alleen voor een betere hechting, maar ook om er voor te zorgen dat er geen lucht tussen de delen blijft zitten. Voordat je de slib op de te hechten delen aanbrengt, kras je de plek waar de slib komt in met een kraspen. Doe dit kruiselings.

afbeelding012slib aanbrengen met een kwastHier zie je hoe over de ingekraste plek slib met een kwast wordt aangebracht. Doe dit zorgvuldig en zorg dat de krasjes vol met slib zitten.

afbeelding013slib aanbrengen op een ingekrast rolletje kleiOok de rol klei kras ik in. Daarna wordt hier op de krasjes ook slib aangebracht.




afbeelding014de kleirol op de grondplaat bevestigenNu leg ik de kleirol op de grondplaat. Het begin van de rol maak ik wat platter, zodat de volgende laag wat geleidelijk overloopt. Leg de rol zo dat het dikste deel een klein beetje buiten de rand van de grondplaat uitsteekt.

afbeelding015een aantal rollen boven elkaarMaak de wand steeds hoger door meer lagen toe te voegen. Het maakt niet uit hoe lang de rollen zijn, duw het begin en einde van een rol steeds iets plat en leg deze over elkaar heen. Wanneer je ongeveer 3 rollen boven elkaar hebt, ga je met je duim de rollen in elkaar duwen. Ga daarvoor zachtjes van boven naar beneden over de rollen. Doe zowel de binnen- als de buitenkant.

afbeelding016weer kleirollen aanbrengenAls de kleirollen netjes in elkaar overlopen, en de wand overal mooi even dik is, ga je weer verder met opbouwen. Bouw steeds lagen van 2 of meer rollen op. Let er op dat je de rollen mooi recht boven elkaar legt, en duw de klei bij het glad maken niet allemaal naar beneden. De klei die naar beneden geduwd wordt bij het glad maken moet ook weer omhoog. In feite vul je bij het glad maken alleen de holte tussen 2 rollen steeds op. Duw ook recht naar beneden en recht omhoog en niet te veel naar binnen of buiten. Als je dat wel doet dan gaat je vorm veranderen. Het is even oefenen maar je moet hier even zorgvuldig werken voor het mooiste resultaat.

afbeelding017de vorm verbredenWil je de vorm verbreden, dan leg je de rolletjes klei iets verder naar buiten toe. Versmallen gaat natuurlijk net andersom, leg de rolletjes klei dan iets verder naar binnen toe. Hoe verder naar buiten in 1 keer, hoe scherper de bocht.

afbeelding018ook aan de binnenkant verandert de vormAls je de rolletjes verder naar buiten legt dan veranderd de vorm niet alleen aan de buitenkant, maar natuurlijk ook aan de binnenkant. Het is makkelijker om nu elke rol eerst mooi glad te strijken voor je met een volgende laag begint. Je moet iets beter de vorm controleren. Wil je de buitenkant mooi glad hebben, dan kun je deze ook nog met een lomer glad strijken. Is de vorm een beetje uit je werkstuk, dan kun je met een platte houten spatel zachtjes tegen je werkstuk slaan om de vorm er weer in te krijgen. Ga niet met je handen duwen, want dan gaat je werkstuk alleen aan de andere kant weer vervormen.....

afbeelding019op een hoogte afsnijdenIk wil mijn werkstuk een bolling geven. Het deel waar de vorm steeds dikker wordt is af. Nu wil ik de vorm weer steeds smaller maken. Tijdens het werken is de bovenste laag wat onregelmatig van vorm geworden omdat de kleirollen natuurlijk nooit precies even dik zijn. Ik heb daarom de bovenkant met een mesje plat afgesneden, dat is hier goed te zien. Vervolgens ben ik weer gaan opbouwen met rollen, die ik nu steeds iets naar binnen leg.

afbeelding025het werkstuk is af en kan gebakken wordenNa lang zwoegen is mijn werkstuk af. Ik heb uiteindelijk 3 vormen gemaakt en deze in elkaar gevoegd. Als ik tevreden ben over de basis, maak ik de buitenkant nog glad met een lomer. Nu kan het werkstuk drogen om gebakken te worden en eventueel geglazuurd.

tulpaf003-klHet werkstuk na glazurenIk breng na het biscuitbakken een dikke laag kersenrode glazuur aan. Hierna wordt het werkstuk afgebakken op zo''n 1050 graden. Na het bakken is het glazuur mooi rood gekleurd, en zijn wat lichte plekken overgebleven die het geheel een speels uiterlijk geven.